Beekherstel

Nieuwe versie 'Handboek geomorfologisch beekherstel'

"Kennis uit wetenschappelijk onderzoek is praktisch vertaald en opgenomen in deze nieuwe versie van het 'Handboek geomorfologisch beekherstel' (2020) (via de link ook online te lezen). Hierdoor kan beekherstel nog beter worden aangepakt. Beken vormen de aderen van ons landschap. Ze huisvesten waardevolle ecosystemen, ze vormen transportbanen voor vitale stoffen en organismen en ze reguleren de afvoer van water naar benedenstroomse gebieden. In de vorige eeuw is op veel plaatsen gewerkt aan het ‘normaliseren’ (veelal rechttrekken en bedijken) van beken. Dit vergrootte de afvoercapaciteit en verkleinde de kans op wateroverlast. Inmiddels kennen we hiervan ook de nadelen. De veelal diep ingesneden beken draineren het omliggende land en voeren het water te snel af. Hierdoor veranderen landschappelijke en ecologische waarden in het beekdal. Meanders zijn kortgesloten, overstromingsvlakten zijn verdwenen en typische flora en fauna zijn aangetast.

De laatste jaren worden veel beekherstelprojecten uitgevoerd en staan er diverse nog op de agenda. Hierbij wordt veelal gewerkt aan meerdere doelen: herstel van de leefomgeving om de terugkeer van organismen mogelijk te maken; invulling geven aan Waterbeheer 21e eeuw: vasthouden en bergen van water en het verzachten van de gevolgen van klimaatveranderingen; het herstel van cultuurhistorische waarden. Om de verschillende aspecten van beekherstel te belichten, geeft STOWA een beekfeuilleton uit. Voor u ligt een geactualiseerd deel 1: 'Handboek geomorfologisch beekherstel'. Aanleiding voor het handboek in 2014 was dat in veel beekherstelprojecten de beekbedding een nieuwe vorm krijgt. Het handboek bevat een praktisch stappenplan voor het ontwerpproces, maar ook een theoretisch kader. Ook worden praktijkvoorbeelden gegeven.

Het handboek is breed en veelvuldig toegepast, zo krijgen we terug uit het veld. Daarmee voorziet het handboek in een behoefte. Echter kennisontwikkeling staat niet stil. Onder andere promotieonderzoek uit het NWO-programma RiverCare op het gebied van ontstaan en vorming van beken is praktisch vertaald in deze nieuwe editie. Ik ga ervan uit dat het nieuwe handboek bijdraagt aan een - nog betere - aanpak van beekherstel, zodat wij en toekomstige generaties kunnen blijven genieten van deze aderen in ons landschap! Joost Buntsma, directeur STOWA.

Samenvatting
In Nederland zijn momenteel vele beekherstelprojecten in uitvoering of gepland. In deze projecten wordt de vorm van beken veranderd om de veelal rechtgetrokken waterlopen een natuurlijker karakter te geven. Dit handboek heeft als doel om betrokkenen bij beekherstelprojecten te ondersteunen door het geven van: (1) een leidraad voor het ontwerp van een nieuwe beekbedding, (2) informatie over de te verwachten morfodynamische processen na herstel en (3) richtlijnen voor beheer en monitoring van de herstelde beek.

In dit handboek wordt gebruik gemaakt van kennis uit de geomorfologie, de wetenschap die zich bezighoudt met het beschrijven en verklaren van de vormen aan het aardoppervlak, waaronder beken en rivieren. Voor de vorming van beken en rivieren onder natuurlijke condities zijn wetmatigheden afgeleid die bruikbaar zijn in beekherstel. Het toepassen van geomorfologische principes in beekherstel wordt geomorfologisch beekherstel genoemd en behelst het opnieuw vormgeven van de bedding van een beek, zodanig dat de dimensies en het patroon van de herstelde bedding passen bij de afvoer en de natuurlijke terreingesteldheid. De filosofie achter geomorfologisch beekherstel is dat het leidt tot een duurzaam dynamisch evenwicht dat onderhouden wordt door natuurlijke geomorfologische processen die op hun beurt ecosysteemherstel kunnen aanjagen.

Dit handboek heeft drie onderdelen. Het eerste deel beschrijft de kern van de hier gekozen geomorfologische benadering en de doelen en de context van beekherstel in Nederland. In het tweede deel wordt de theoretische kennis gegeven die nodig is voor het ontwerp van een nieuwe beekbedding en voor het voorspellen van morfodynamische processen. Het derde deel biedt praktische informatie voor beekherstel met een stappenplan voor het ontwerpproces, adviezen voor de uitvoering en het beheer en praktijkvoorbeelden van geomorfologisch beekherstel.

In dit handboek wordt een stapsgewijze en integrale benadering van het ontwerpproces voorgesteld. In deze stapsgewijze aanpak zijn (tussentijdse) evaluatie en toetsing sturend voor het ontwerpproces. De stapsgewijze aanpak heeft een integraal karakter: informatie uit verschillende sectoren/disciplines wordt in verschillende stappen ingebracht en in het ontwerp verwerkt. Inschatting van toekomstige morfodynamische processen is hierbij een cruciaal onderdeel van het ontwerpproces, evenals het vormgeven van monitoring en beheer na herstel.

Voorwoord
Vijf jaren zijn verstreken sinds de publicatie van de eerste editie van dit handboek. Jaren waarin de aandacht voor de geomorfologische principes achter beekherstel sterk toenam en het handboek zijn weg vond naar de tekentafels en bureaus waarop het ontwerp van beekherstelprojecten plaatsvindt. Tegelijkertijd ging het onderzoek naar de geomorfologische processen in beken door: in het veld werden nieuwe sedimentmonsters verzameld en metingen gedaan, die weer leidden tot nieuwe concepten en modellen over hoe natuurlijke beken zich vormen in wisselwerking met hun omgeving.

Op verzoek van STOWA hebben wij de belangrijkste nieuwe inzichten verwerkt in deze editie van het handboek. De opzet van het oorspronkelijke handboek is daarbij behouden gebleven, inclusief het stappenplan voor het ontwerpproces en de praktijkvoorbeelden. Het belangrijkste nieuwe element is de herziene geulpatroonvoorspeller, waarin de oeversterkte nu een belangrijke parameter vormt. De voorspellingskracht van dit instrument is sterk toegenomen ten opzichte van de eerdere versie. Ook onderscheiden we nu enkele fundamenteel nieuwe geulpatronen waarvan de ontwikkeling sterk gestuurd wordt door de samenstelling van de oevers. Om de nieuwe inzichten goed in te bedden in het handboek hebben we uiteindelijk op veel plaatsen de tekst geactualiseerd.

De verwerkte nieuwe inzichten komen voort uit het promotieonderzoek van Jasper Candel aan de universiteit van Wageningen, dat mede is gefinancierd door STOWA. Hij is om die reden medeauteur van deze editie en heeft, in nauw overleg met de andere auteurs, de herziening ter hand genomen. Wij zijn ervan overtuigd dat deze nieuwe editie zal leiden tot vele nog beter ‘gevormde’ beekherstelprojecten. Bart Makaske, Gilbert Maas en Jasper Candel, Wageningen, december 2020."

Reactie toevoegen