Langstraat

Streek
Langstraat
Noord-Brabant

Langstraat

Terug naar boven

Status

De Langstraat is een streek in de provincie Noord-Brabant. De hoofdplaats van deze streek is Waalwijk.

Terug naar boven

Ligging

De Langstraat ligt tussen Geertruidenberg en 's-Hertogenbosch, rond de huidige A59, en omvat van west naar oost o.a. de kernen Raamsdonksveer, Raamsdonk, 's Gravenmoer, Waspik, Sprang-Capelle, Kaatsheuvel, Besoijen, Waalwijk, Baardwijk, Drunen, Elshout, Nieuwkuijk, Haarsteeg en Vlijmen. Deze kernen vallen onder de huidige gemeenten Dongen, Geertruidenberg, Heusden, Loon op Zand en Waalwijk.

Terug naar boven

Geschiedenis

Ontginning
De Langstraat was oorspronkelijk een dijk door een moerassig landschap tussen de Maas en de hoger gelegen Brabantse zandgronden. Deze dijk is in 1422 aangelegd door de graaf van Holland, tot wiens gezag dit gebied sinds het einde van de 13e eeuw behoorde. Ontginningen in dit gebied begonnen al in de 14e eeuw. Langs de dijk kwamen boeren wonen die het land ontgonnen in lange stroken die loodrecht op de dijk stonden, het zogenaamde slagenlandschap. Toponiemen als Zuidhollandse dijk verwijzen nog naar deze situatie. In 1533 is de weg over deze dijk bij Waalwijk en Besoyen reeds met keien verhard.

Centrum van leer- en schoenenindustrie
De Langstraat is eeuwenlang het belangrijkste leercentrum van Nederland geweest. Dat komt vooral doordat het gunstig is gelegen aan de rand van een bos, met voldoende water in de buurt, waardoor het heel geschikt was voor leerlooien. De huiden moesten namelijk worden bewerkt in een loogbad waar gemalen eikeboomschors aan was toegevoegd (eeklooistof). Daarna werden er vooral schoenen en portemonnees van gemaakt, wat grotendeels handwerk was. Door concurrentie van andere landen is sinds de jaren zestig het aantal schoenfabrieken geleidelijk en voortdurend gedaald. De looierijen en bedrijven in de toelevering zoals fournituren, garen, zolen en machines zijn hierin meegetrokken. Schoenfabriek Greve in Waalwijk is de enige overgebleven ambachtelijke schoenfabriek in deze streek. Ze is bekend om de handgemaakte maatschoenen en serieproductie. Tegenwoordig ligt de nadruk op de schoenenhandel. Waalwijk kent na de omschakeling van fabricage naar handel de grootste concentratie van schoenhandelsbedrijven in Europa.

Halvezolenlijn
De spoorlijn Lage Zwaluwe - 's-Hertogenbosch (aangelegd 1886-1890) heette officieel Langstraatspoorlijn, maar heette in de volksmond de Halvezolenlijn, vanwege de vele schoenfabrieken aan het tracé. Schoenverkopers gingen met het halvezolenlijntje naar 's-Hertogenbosch, en van daaruit verder het land in. In de bagage had men dan de schoenmodellen, die men aan de man probeerde te brengen. In deze lijn lag de 600 meter lange Moerputtenbrug, die sinds 2006 dienst doet als voetgangersbrug door een natuurgebied. Andere delen van de spoorlijn zijn in de vroege jaren tachtig van de 20e eeuw afgebroken en vervangen door een fietspad. De lange bruggen waren nodig om de Beerse Overlaat niet te hinderen als deze in werking was gesteld, wat tot 1942 nog voorkwam. (bron: Wikipedia) Voor nadere informatie over deze vroegere spoorlijn en de bruggen zie het hoofdstuk Bezienswaardigheden.

Als je je nader wilt verdiepen in de geschiedenis van deze streek, kun je terecht bij de volgende instantie en literatuur:

- Streekarchief Langstraat Heusden Altena. "Particuliere en gemeentelijke archieven zijn online te raadplegen of in de studiezaal. De oudste stukken zijn uit de 13e eeuw, de jongste van gisteren." Op de site van het Streekarchief kun je o.a. zoeken in meer dan 100.000 gedigitaliseerde krantenpagina's van kranten uit de regio.

- Archeoloog Hans Koopmanschap presenteert in het boek 'Grensgebied tussen zand en veen' (480 pag., 2015) de ontginnings- en bewoningsgeschiedenis van de Noord-Brabantse Langstraat en het aangrenzende zandgebied aan de hand van archeologische vondstdepots vol tot dusverre veelal onuitgewerkte opgravingen. Hij onthult voor het eerst de archeologische geschiedenis van de laatmiddeleeuwse veenontginningen en de openlegging van de aanpalende zandgronden. Koopmanschap baseert zijn studie op de volledige beschrijving van bijna 120 jaar archeologisch onderzoek, vanaf de ontdekking van de raadselachtige crypte onder de Sint-Gertrudiskerk in Geertruidenberg in 1894 tot en met recente commerciële vlakdekkende opgravingen. Hij analyseert met behulp van archeologische vondsten en sporen de ontwikkeling van het fysieke landschap, de rurale en stedelijke nederzettingen, de landbouw, nijverheid en handelsnetwerken, de politieke machtsverhoudingen en de kerkelijke en sociale gemeenschapsvorming. Hij doet dit zowel op het niveau van de afzonderlijke vindplaats als op een hoger landschappelijk niveau, wat resulteert in een boeiende landschapsbiografie vanuit archeologisch perspectief.

Terug naar boven

Recente ontwikkelingen

- In het oostelijke deel van deze streek (het gebied tussen Waalwijk en 's-Hertogenbosch) is het project Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat (GOL) in uitvoering. Het project draait om het verbeteren van de verkeersdoorstroming, het beter bereikbaar maken van woonkernen en bedrijventerreinen, het vergroten van de verkeersveiligheid en het verbinden van natuurgebieden. De veiligheid op de A59 wordt vergroot doordat onvolledige op- en afritten verdwijnen. Door de aanleg van parallelwegen verbetert de doorstroming van het verkeer van en naar de A59 en worden nieuwe woon- en werkgebieden bereikbaar. De GOL verhoogt ook de ecologische en recreatieve kwaliteit van het gebied. De maatregelen in GOL bieden bewoners ook meer bescherming tegen extreem hoog water. In de GOL werken 20 partijen samen om de projecten rond de A59 te realiseren. De provincie is de gebiedsregisseur, in samenwerking met de gemeenten Heusden, Waalwijk, 's-Hertogenbosch en het Waterschap Aa en Maas.Voor de actuele stand van zaken zie de site van het project Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat.

Extra natuurmaatregelen, een fiets-/spoorbrug die recht doet aan de historie van de Baardwijkse Overlaat en mogelijkheden voor slimme mobiliteitsoplossingen. Dat zijn de belangrijkste aanpassingen die GS hebben gemaakt in de - op 29 juni 2018 door Provinciale Staten vast te stellen - inpassingsplannen voor de Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat. Gedeputeerde Erik van Merrienboer (Ruimte): “We hebben veel tijd genomen om een compleet beeld te krijgen van alle belangen, wensen, ideeën en overwegingen die in het gebied spelen, en om al die inbreng goed af te wegen. Hoewel we niet iedereen tevreden hebben kunnen stellen, heeft de input vanuit de omgeving wel op veel plekken tot verbetering van de plannen geleid. Denk aan de verlegde toe- en afrit in Nieuwkuijk in plaats van een turborotonde, het ontwerp van de fiets-/spoorbrug over de Baardwijkse Overlaat en de aanvullende natuurmaatregelen in het hele gebied. Dankzij de enorme betrokkenheid van de omgeving en betrokken partijen, ligt er uiteindelijk een compleet en voldragen pakket dat voorziet in verbetering van de leefbaarheid in de kernen, betere bereikbaarheid en doorstroming, betere hoogwaterbescherming, meer natuur en meer mogelijkheden voor recreatie en economische activiteiten.”

In het inpassingsplan is onder meer het ontwerp van de fiets-/spoorbrug over de Baardwijkse Overlaat gedetailleerd uitgewerkt. De cultuurhistorische identiteit van de Overlaat als voormalig inundatiegebied, waarbij een open landschap van noord naar zuid past, heeft geleid tot het gedeeltelijk open maken van de spoordijk. De brug versterkt de historische lijn, de oost-west relatie in de Overlaat. De spoorbrug wordt toegankelijk voor zowel recreatieve wandelaars als fietsers. Met de ontwikkeling van de moderne snelfietsroute over de (rijks)monumentale brugdelen, krijgt de historische brug een nieuwe betekenis. De aanleg van de fiets-/spoorbrug wordt in het plan voor Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat-West ook aangegrepen om daaronder een nieuwe natuurzone aan te leggen. Samen met de aanleg van een zone van hooiland met poelen voor amfibieën langs de nieuwe randweg Drunen die in het inpassingsplan is toegevoegd, kan de Baardwijkse Overlaat een verbindende functie voor de natuur vervullen.

In Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat-Oost is vooral ingezet op het slechten van barrières tussen natuurgebieden. Door onder meer de aanleg van een reeëntunnel, wildspiegels en een ecoduiker ontstaat een veilige verbinding voor dieren tussen de Biessertpolder met het achterliggende gebied, bijvoorbeeld van het Engelenmeer. Uit een verkenning blijkt verder dat de verkeersdoorstroming in het GOL-gebied potentie biedt voor slimme mobiliteitsoplossingen. Bij het uitwerken van toekomstige concrete maatregelen voor het GOL-gebied wordt gebruik gemaakt van de kennis en ervaring van het programma SmartwayZ.nl voor Zuid-Nederland.

Op deze kaart staat een visualisatie van het inpassingsplan. Vanuit verschillende zichtlocaties is te zien hoe het gebied er nu en straks uitziet. In de kaart is extra aandacht besteed aan de situatie in de Baardwijkse Overlaat met beeldimpressies van de nieuwe situatie vanuit verschillende kijkpunten. Verder is zowel in dit gebied als in Vlijmen-Oost te zien hoe de natuurmaatregelen vorm krijgen en zijn de verschillende ontwikkelingen op cultuurhistorisch en infrastructureel gebied afzonderlijk zichtbaar. (bron: Provincie Noord-Brabant, 25-5-2018)

- De gemeenten Heusden, Loon op Zand en Waalwijk oriënteren zich op hun bestuurlijke toekomst: hoe kan deze het beste worden vormgegeven? In dat kader hebben hebben de hoogleraren Bestuurskunde van de Tilburg University Pieter Tops en Stavros Zouridis in 2014 het rapport 'Bestuurlijke toekomst Heusden, Loon op Zand en Waalwijk' opgesteld, waarbij zij inventariseren wat de mogelijkheden zijn voor de bestuurlijke toekomst van de gemeenten in dit deel van de Langstraat en welke afwegingen daarbij een rol zouden kunnen of moeten spelen. Dat varieert van allerlei mogelijke samenwerkingsvormen tot bestuurlijke herindeling. De opstellers spreken zelf geen voorkeur uit, maar reiken relevante feiten en omstandigheden aan, op grond waarvan de gemeenten kun afwegingen kunnen maken en de discussie kunnen voeren.

Terug naar boven

Bezienswaardigheden

- "Stichting Federatie Behoudt de Langstraatspoorbruggen (FBL) is al sinds 1987 hard bezig om de bruggen en grote delen van het spoortracé in de Langstraat te redden, te laten restaureren en er een zinvolle herbestemming aan te geven. In het tracé liggen de volgende bruggen: 1. De Waalwijkse spoorbruggen tussen Waalwijk en Drunen over het Afwateringskanaal en over de Baardwijkse Overlaat. Oorspronkelijk was dit één brug van 885 meter lang. Nu liggen er nog drie delen van deze vroegere brug: een brug over het Afwateringskanaal, een brug over de Overstortweg en een brug over de afslag naar de A59. De rest van de vroegere lange brug is vervangen door een dijk, waarover nu het Halve Zolenfietspad loopt. 2. De Venkantbrug tussen Vlijmen en 's-Hertogenbosch. Deze brug ligt over de Bossche Sloot. 3. De Moerputtenbrug over het moerassige gebied van de Moerputten nabij 's-Hertogenbosch. 4. De Dongespoorbrug ligt tussen Raamsdonksveer en Geertruidenberg over de Donge. De brug is meteen als draaibare brug gebouwd en heeft ook als enige een dubbelspoor.

In de loop van de voorbije meer dan 30 jaar heeft de FBL het volgende kunnen realiseren: 1. Omdat de sloopvergunningen in Waalwijk, Drunen, Vlijmen en 's-Hertogenbosch ten tijde van onze oprichting al waren afgegeven, was onze eerste doelstelling: Het redden van de vijf oostelijke Langstraatspoorbruggen van de slopershamer. 2. Toen dat gelukt was: het doen restaureren van deze cultureel waardevolle bruggen. 3. De bruggen een zinvolle herbestemming geven als fiets- en wandelbruggen. En datzelfde gold en geldt voor grote delen van het Langstraat spoortracé, waarvoor we zelfs een aparte stichting hebben opgericht: Stichting Redt de Groene Long. 4. Het verwerven van de status 'Rijksmonument'. Voor alle oostelijke Langstraatspoorbruggen is dat inmiddels gelukt!"

"Europa Nostra heeft de prestigieuze Europa Nostra Award voor Conservering in 2013 toegekend aan het project ‘Halvezolenlijn’ in de Langstraat, bestaande uit de restauratie van de spoorbruggen, de aanleg van het Halvezolenpark en de herinrichting van de aangrenzende natuurgebieden in Waalwijk en ’s-Hertogenbosch. Federatie Behoudt de Langstraatspoorbruggen (FBL) heeft daarvoor in september 2012 een aanvraag ingediend in nauwe samenwerking met de gemeenten ‘s-Hertogenbosch, Heusden en Waalwijk, met Staatsbosbeheer regio Tilburg, Aannemingsbedrijf Nico de Bont uit Vught, Van den Elshout & De Bont uit Waalwijk en met Verlaan en Bouwstra architecten uit Vianen. De ‘Halvezolenlijn’ is de enige Nederlandse prijswinnaar in de categorie Conservering.

De Europa Nostra Award is een prijs die door de Europese Unie wordt toegekend aan organisaties die een bijzondere bijdrage leveren aan het behoud van cultureel erfgoed en zo bijdragen aan de grensoverschrijdende uitwisseling van kennis en ervaring op het gebied van conservering. Ook moeten dergelijke organisaties bijdragen aan bekendheid van het project onder een breed publiek en aan een bewustwording van het belang van behoud van cultureel en industrieel erfgoed. De stichting FBL heeft zich al meer dan 25 jaar ingezet voor het behoud van de spoorbruggen in het vroegere Langstraat-spoorlijntje, voor een zinvol hergebruik van de bruggen, voor de aanleg van het Halvezolenpark in Waalwijk en voor het toegankelijk maken van de aangrenzende natuurgebieden, te weten het Moerputtengebied nabij ’s-Hertogenbosch en het Slagenlandschap nabij Waalwijk.

Nico de Bont was verantwoordelijk voor de restauratie van de ruim 600 meter lange Moerputtenbrug in ’s-Hertogenbosch. De Moerputtenbrug maakte deel uit van het zogenoemde ‘Halvezolenlijntje’ door de Langstraat tussen Lage Zwaluwe en ‘s-Hertogenbosch, dat tussen 1879-1890 is aangelegd voor onder meer het transport van (half)fabricaten van de schoenenindustrie in de Langstraat. De naam ‘Halvezolenlijntje’ zou kunnen verwijzen naar het feit dat het traject slechts in enkelspoor is uitgevoerd, terwijl gerekend was op dubbel. Daarom zijn de brugpijlers zo breed. De pijlers en landhoofden zijn in baksteen gemetseld, afgedekt met hardsteen, de taluds zijn bedekt met Doornikse steen. De doorstroomopeningen tussen de pijlers worden overspannen door geklonken ijzeren vakwerk brugdelen." (bron: Aannemingsbedrijf Nico de Bont, Vught)

Terug naar boven

Jaarlijkse evenementen

- De 80 van de Langstraat, in de volksmond 'De Tachtig' genoemd (2e weekend van september) is een zogeheten Kennedymars, met een lengte van 80 km. De tocht dient binnen 20 uur, wandelend of marcherend, te worden afgelegd. Hardlopen is niet toegestaan, snelwandelen mag wel.

Terug naar boven

Landschap, natuur en recreatie

- Langs het Halvezolenpad, het fietspad op het voormalig spoortracé, zijn hedendaagse kunstwerken geplaatst. De kunst verwijst naar de rijke geschiedenis van de Langstraat: de schoen- en lederindustrie, de spoorlijn, de natuur en het landschap. Het resultaat is de Halvezolenroute. De route vertelt het verhaal van deze streek. Behalve de kunstwerken zijn er animatiefilms en gedichten voor de kunstroute gemaakt. De beelden zijn te bekijken en beluisteren via de fiets- en wandelrouteapp 'Brabant Vertelt'. De fietsroute loopt van de Markt in Geertruidenberg tot het Raadhuisplein in Drunen, met de mogelijkheid om verder te fietsen naar de Venkantbrug in Vlijmen.

- Natuurgebieden in de Langstraat van Staatsbosbeheer.

- De natuur in de Westelijke Langstraat heeft last van verdroging en een stikstofoverschot. Dit vormt een bedreiging voor veel kwetsbare dier- en plantensoorten. Het aanpassen van het waterpeil, verleggen van waterlopen en afgraven of uitmijnen van voormalige landbouwgrond zijn natuurherstelmaatregelen die de hoeveelheid stikstof in de natuur verminderen en verdroging tegengaan. De provincie Noord-Brabant is daarom in 2016 gestart met het aankopen van grond in deze omgeving. Het gaat vooral om landbouwgronden tussen Waalwijk en Waspik die zijn aangewezen om deel te gaan uitmaken van het Natura 2000-gebied. Grondeigenaren in het gebied kunnen hun grond verkopen of ruilen, of zelf natuur realiseren. De werkgroep Westelijke Langstraat werkt ook aan verbetering van leefbaarheid, cultuurhistorie, recreatie en landbouwstructuur. De werkgroep doet dit samen met de bewoners, bedrijven, grondeigenaren en de belangenorganisaties.

"De 'Naad van Brabant' is 1 tot 4 km breed, 175 km lang en loopt van West- naar Oost-Brabant. De strook vormt de scheidslijn tussen zandgronden in het zuiden en kleigronden in het noorden. Het gedeelte ten westen van Waalwijk, de Westelijke Langstraat, gaat de komende tijd op de schop. Zo komt het kwelwater weer aan het maaiveld en wordt daarmee het Natura-2000-gebied robuuster en gezonder. “Het totale gebied is zo’n 650 hectare groot”, aldus Koen Polman, projectmanager van de provincie Noord-Brabant. “We hebben dan ook contact met zo’n 1100 in- en aanwonenden”, vult Marvin Antens aan, omgevingsmanager van Waterschap Brabantse Delta. Beiden zijn betrokken bij de planfase en de realisatie van het project. In opdracht van de provincie Noord-Brabant is de planfase uitgevoerd; Waterschap Brabantse Delta gaat de realisatiefase trekken. Medewerkers van het waterschap en de provincie zijn in beide fasen betrokken en vormen voor het hele project een team.

“Wij hebben allemaal hetzelfde projectdoel voor ogen. Op deze manier blijft de gebiedskennis en het contact met mensen in stand”, legt Marvin de samenwerking uit. Nieuw gemaal. “De complete waterhuishouding in een deel van Waalwijk wordt aangepast om natuurontwikkeling in het gebied Westelijke Langstraat mogelijk te maken. Voor deze natuurontwikkeling moet het waterpeil in dit gebied omhoog, waardoor het stedelijk afwaterwater uit het achterliggende gebied anders moet worden afgevoerd.” Het waterschap gaat daarom een nieuw gemaal bouwen dat het water straks rechtstreeks op de Bergsche Maas afvoert. Daarnaast worden er stuwen, duikers en sloten aangepast. Zo is het mogelijk om het gebiedseigen 'natuurwater' vast te houden.

Kwelwater. “Het gebied Westelijke Langstraat is een Natura-2000-gebied. Het ligt op de Naad van Brabant. Dat is het overgangsgebied tussen de noordelijke Maas met haar kleigrond en de hogere, drogere zandgronden in het zuiden. Hier komt het kwelwater aan de oppervlakte. Dit water is honderden jaren geleden als regenwater op hogere zandgronden in de grond gezakt en over oude leemlagen naar het noorden gestroomd. Daar ‘botst’ het tegen het rivierwatersysteem en komt het als kwelwater omhoog”, legt Koen Polman uit. “Door allerlei ontwikkelingen komt het kwelwater niet meer aan de oppervlakte”, vertelt Marvin Antens. “Kwelwater is veel schoner en kalkrijker dan bijvoorbeeld regenwater of water afkomstig uit een landbouwgebied. Dus passen we de waterhuishouding aan, zodat het kwelwater weer de kans krijgt om op te wellen. Daarvoor moeten we de waterstanden verhogen in gebieden die nu juist dit kwelwater afvangen en afvoeren. Zo ontstaat tegendruk waardoor het kwelwater weer aan het oppervlak komt in die gebieden binnen het Natura-2000-gebied waar nog bijzondere flora aanwezig is.”

Dit verhogen van de grondwaterstand heeft gevolgen voor omwonenden in het gebied. Het betekent voor een aantal mensen dat hun tuin natter wordt. In ruim drie jaar tijd heeft het projectteam via bewonersavonden, nieuwsbrieven en individuele bezoeken vrijwel iedereen in het gebied toch enthousiast gemaakt. Gemeenschappelijk belang. “We kwamen natuurlijk ook met goed nieuws”, vertelt Marvin. “We konden de mensen uitleggen dat hun woonomgeving nog groener gaat worden omdat we meer natuur gaan aanleggen. Als er mogelijk overlast ontstaat aan het woongenot (woning en/of tuin) door het verhogen van de waterstanden, bespraken we met betrokkenen eventuele maatregelen die vooraf of gelijk met de rest van het project worden uitgevoerd.” Koen vult aan: “We konden duidelijk maken dat we samen een gemeenschappelijk belang hebben waar ieder zijn steentje aan kan bijdragen. Zo ontstonden echt goede gesprekken.” En zo wordt de komende tijd een aantal tuinen in de Westelijke Langstraat opgehoogd, of wordt drainage aangelegd.

“We maken ook extra watergangen. Soms leggen we hele nieuwe afwateringen aan, of verbinden we bestaande sloten”, aldus Marvin. Ook worden binnen het nieuwe natuurgebied voormalige landbouwpercelen afgegraven, en het historische slagenlandschap teruggebracht. De fosfaatrijke bouwvoor (bovenste laag van de grond) wordt afgegraven. Dit is vooral om de meststoffen af te voeren en daarmee ook de oude zaadbanken en het kwelwater dichter bij elkaar te brengen. “In het gebied vind je de beenbreek, moerasweegbree, rietorchis, nachtorchis, moeraswolfsklauw, blauwe zegge, kleine zonnedauw en de snavelzegge”, somt Marvin op. “De fauna wordt gekenmerkt door de heikikker, de grote en kleine modderkruiper en de bittervoorn”, weet Koen. “Kleine ondiepe sloten zorgen ervoor dat de modderkruiper een ideaal leefgebied krijgt. Hij zal zich hier goed thuis gaan voelen!” (bron: Provincie Noord-Brabant op Nature Today, mei 2020) Meer informatie over dit project is te vinden op de website van Waterschap Brabantse Delta en op de site van Provincie Noord-Brabant. Zie ook de video over het Project Aanpassen Waterhuishouding Waalwijk en de pagina over het Project Aanpassen Waterhuishouding Waalwijk op de site van Waterschap Brabantse Delta.

Terug naar boven

Beeld

- Foto's van grenspalen aan de vroegere (d.w.z. tot 1814) grens Brabant - Holland, in de Langstraat.

Terug naar boven

Literatuur

- Nieuwe en/of tweedehands boeken over de Langstraat (online te bestellen).

Reacties

(4)

Uw stelling, dat de grenzen van een gebied in de loop der tijd kunnen verschuiven aangezien zij vaak afhangen van bestuurlijke samenwerkingsverbanden, is voor betwisting vatbaar. En al helemaal de stelling, dat uit allerlei uitingen in de media blijkt dat in bestuurlijk opzicht alleen de gemeenten Waalwijk, Loon op Zand en Heusden tot De Langstraat behoren.
Heusden heeft nooit tot De Langstraat behoord. Bestuurlijke samenwerkingsverbanden worden veelal ingegeven door praktische argumenten maar blinken niet uit in historisch besef, dat vaak een ondergeschikte of helemaal geen rol speelt in de overwegingen tot samenwerking. Bovendien kan een bestuurlijk samenwerkingsverband de geschiedenis niet herschrijven.
Datzelfde geldt om voor wat betreft de beschrijving van een streek af te gaan op hoe de media dit aanduiden; als er ergens een gebrek aan (historische) feitenkennis is, is het wel in de media. Sinds Heusden gefuseerd is met de langstraatgemeenten Vlijmen en Drunen, is het niet meer dan een uiting van gemakzucht van de media om Heusden ook onder De Langstraat te scharen; wel zo gemakkelijk. Maar om daar - zoals U doet - de conclusie aan te verbinden, dat de grenzen verschuiven en uit de media blijkt "dat Heusden in bestuurlijk opzicht onder De Langstraat valt", geeft te veel eer aan die slordigheid en gemakzucht. De feiten hebben al genoeg te lijden in de media!

Dank voor uw reactie. U hebt volkomen gelijk. Als journalist/redacteur beoog ik met deze site een zo objectief en waarheidsgetrouw mogelijk - zowel betreffende verleden als heden - naslagwerk te maken, daarbij onder meer de principes van waarheidsvinding en duiding als leidraad hanterend. De formulering hierboven was deels onjuist en deels nodeloos ingewikkeld, dus dank dat u mij hierop hebt gewezen. Ik wilde ermee aangeven dat er een verschil kan zijn tussen de historisch-geografische situatie en de bestuurlijke situatie. Natuurlijk ligt de stád Heusden niet in de Langstraat. De formulering ging om de geméénte Heusden, dat het 'praktisch gezien logisch is' dat een gemeente zich als geheel voor bestuurlijke samenwerkingsverbanden bij één bepaalde regio aansluit. In dat kader heeft men het over de Langstraatgemeenten Heusden etc. Wat inderdaad niet wegneemt dat de kérn Heusden niet in de Langstraat ligt.

Zo heeft enigszins vergelijkbaar de fusiegemeente Rijssen-Holten - gevormd uit een voorheen respectievelijk Twentse en Sallandse gemeente - zich aangesloten bij het bestuurlijk samenwerkingsverband 'Regio Twente', terwijl het grondgebied van de voormalige gemeente Holten in Salland ligt en blijft liggen. En een gemeente Hilvarenbeek is recentelijk van bestuurlijke samenwerkingsverbanden in de Kempen overgehopt naar de regio Hart van Brabant (voorheen Midden-Brabant geheten), maar blijft geografisch natuurlijk gewoon in de Kempen / Zuidoost-Brabant liggen. Dat is allebei 'even waar'. Dat soort nuances maak ik waar nodig op relevante pagina's in kwestie ter plekke duidelijk. Dat bijv. de kern Holten https://www.plaatsengids.nl/holten in de geografische regio Salland ligt (met kleine r) en in de bestuurlijke Regio Twente (met hoofdletter R).

Hierboven heb ik de beschrijvingen nu wat vereenvoudigd, om het voor de lezer op deze pagina niet ingewikkelder te maken dan nodig. En met 'media' bedoelde ik niet wat de media zelf ergens over beweren, die laten op dit punt inderdaad nog weleens steken vallen, maar wat er in de media te lezen valt over allerlei instanties - waaronder gemeenten, provincies, bestuurlijke samenwerkingsverbanden - en hoe die zelf hun streken en regio's vandaag de dag indelen. Waaruit blijkt dat door de jaren heen bepaalde streken/regio's - als aanduiding van regionale bestuurlijke, economische en natuur/recreatie/toeristische samenwerkingsverbanden - geleidelijk uit het spraakgebruik verdwijnen (zo wordt de naam Meierij in de aanduidingen van huidige Brabantse streken/regio's zelden meer gehanteerd) en dat andere worden geïntroduceerd (zoals Het Groene Woud: https://www.plaatsengids.nl/het-groene-woud en Hart van Brabant: https://www.plaatsengids.nl/hart-van-brabant). Waarmee de geschiedenis natuurlijk inderdaad niet met terugwerkende kracht wordt herschreven. De Meierij is en blijft De Meierij!
Met vriendelijke groet, Frank van den Hoven, hoofdredacteur Plaatsengids.nl

Wat een snelle en adequate reactie! Ik heb bewondering voor het monnikenwerk dat jullie c.s. verricht hebben in zo'n relatief korte tijd. En helemaal in strijd met de tijdgeest: zonder hinderlijke taalfouten! Daar wordt kennelijk (terecht) ook aandacht aan besteed. Succes verder met dit mooie werk; wordt op prijs gesteld!

Dank voor uw complimenten! Dat doet altijd goed om te lezen, en stimuleert ons om ook de 'laatste loodjes' af te maken. 2020 is namelijk het 'puntjes op de i'-jaar; eind dit jaar beoogt het werk inhoudelijk geheel gereed te zijn. Ook in dat kader was dit een mooie casus. Inderdaad een relatief korte tijd, de 'slechts' 12 jaar waarin ik de inmiddels 8 miljoen woorden - met hulp van vele vrijwilligers die mede teksten/tips/aanvullingen/correcties aanleverden - op 'e-papier' heb gezet. Toevallig precies even veel jaren als mijn grote voorganger, A.J. van der Aa, nodig had om zíjn 'opus magnum' op papier te zetten (wat ik hier verwoord: https://www.plaatsengids.nl/over-ons#het-nu-klaar-compleet).

Het verschil is alleen dat Van der Aa het van 1839-1851 nog met de ganzenveer moest doen en zijn uitgever met loden letters voor het drukwerk, terwijl ik met de laptop vele malen sneller kan werken. Anderzijds heb ik nu wel een '50-delige Van der Aa' geproduceerd - van in papiertermen 500 dichtbetikte A4'tjes per deel - tegenover 's mans 14-delige werk. Dank ook voor uw waardering van onze aandacht voor de taalkundige aspecten! Naast een zo hoog mogelijke kwaliteit van de inhoud, streven wij ook nadrukkelijk naar taal- en stijlkundige foutloosheid, omdat de aandacht van de lezer niet moet worden afgeleid door het zich ergeren aan taal- en stijlfouten, en het ook afbreuk zou doen aan de waardering van de lezer voor de inhoud.

Ik constateer met u dat wij helaas een 'bedreigde mensensoort' zijn ;-) . Degenen die waarde hechten aan correct taalgebruik zijn procentueel weliswaar in de minderheid, maar in absolute zin gaat het toch nog altijd om een aanzienlijk aantal, wat mij toch motiveert om te allen tijde - en niet 'ten alle tijden', welke formulering ik helaas regelmatig tegenkom - in deze manier van werken te blijven volharden.

Reactie toevoegen